De afgelopen dagen heeft de immer slecht communicerende Nederlandse Spoorwegen laten zien dat men wel degelijk weet hoe ze volop publiciteit kunnen genereren in de lage landen. Iets wat altijd werkt is namelijk het bekende “praatje poep en pies”.
Onze taal werd plotsklaps verrijkt met het woord “plaszak”, en in een poep en een zucht was de hele polder over de zeik. Twitterend Nederland bleek de onderbroekenlol tot kunst te hebben verheven en ik ontving zelfs een verzoek of ik er wellicht ook eens mijn licht over kon laten schijnen.
Nou, bij deze.
Wat mij betreft kan die plaszak niet snel genoeg worden ingevoerd. Als het aan mij ligt, wordt ook de “kakdoos” liever vandaag nog dan morgen geïntroduceerd.
Natuurlijk is het onzin dat die vriendelijke, doch zelden op tijd rijdende machinist, uw uitwerpselen moet afvoeren. De dames geven hun gebruikte bescherming tijdens het maandelijks ongerief toch ook niet aan de toiletjuffrouw? Nee, een luchtdichte, afsluitbare container in de stuurhut van de trein zou prima voldoen. Trouwens, wat let u om zélf uw restafval mee te nemen en in een daarvoor bestemde afvalbak op het station te deponeren.
Dus, kom maar op. “Mij maak je de pis niet lauw”, zou Theo Maassen zeggen. En daar sluit ik me van harte bij aan.
“Urination-on-the-move” is prima, maar dan wel in álle treinen. Oud of nieuw. Met of zonder toilet.
Want zeg nou zelf; wie heeft er ooit in de trein wel eens een schóón toilet aangetroffen?
“Brabanders vervuld van trots om Fyra” zo schreef een krant. Hoezo trots? Eindelijk een trein in Oosterhout? Waar gaat dit over?
In de commercials weet de NS het goed te brengen.
Bertje & Bertje hebben plannen gemaakt zodat bij extreme weersomstandigheden de treinenloop toch gewoon zijn gang kan gaan. Zodra de vorst over de spruitjes dreigt te komen, komt het reguliere spoorboekje te vervallen en wordt er direct overgeschakeld op een zogenaamde “pendel dienstregeling”.