Als God in Frankrijk

God-in-FrankrijkAan het begin van de avond, als de zinderende hitte plaats maakt voor een aangename temperatuur, ontstaat een kakofonie van geluiden op de camping.

Lepels in dunne aluminium pannetjes. Metalen gereedschappen op dampende skottelbraais. Klanken van mepal kunststof bordjes in blauwe, van twee hengsels voorziene afwasbakjes. Dit alles is slechts de luidruchtige opmaat voor een dagelijks ritueel wat ons te wachten staat.

De rust valt over de kleine camping in de bergen van het Franse Avignonet.
Het zoemen van de bijen verstomt en hier en daar laat een eerste krekel al van zich horen.

En dan, opeens, is het er. Dat hemelse geluid. Het subtiel tokkelende geluid van een fijn besnaard instrument, bespeeld daar haast engelachtige vingertjes. Een geluid zo zacht, en tegelijkertijd zo ver dragend. Dit moet haast wel de sfeer zijn van dat leven van God in Frankrijk.

Het kostte echter weinig moeite om de bron van al dit moois te achterhalen. Niet ver van mijn eigen caravan, sta ik oog in oog met een meisje met een harp: Myrthe.

De twaalf jarige Myrthe Koopman uit Almere is samen met haar ouders neergestreken in het Rhône-Alp gebied en trakteert de hele camping op haar lieflijke harpspel.
Zelf ziet ze het slechts als noodzakelijk repeteren maar de “Canon in D” en een stuk uit de “Sound of Music” doen de campinggasten genieten.

Als de laatste harp klanken zijn weggeëbd in de valei van Le Drac klinkt nog slechts een bescheiden applausje.

Dank je wel Myrthe, het was prachtig.

La Douce France

La_Douce_FranceZoals Nederland tolerant schijnt te zijn, zo schijnt Frankrijk het patent te hebben op rust en relaxen: La douce France. Hoe komen ze er op: “La douce France”.

Dat Frankrijk dat, samen met Duitsland, probeert de dienst uit te maken in Europa en ver daar buiten. Dat Frankrijk dat wielrenners bespuugt en bekogelt als ze succesvol dreigen te zijn in “La grande Boucle”. Is dat wat wij verstaan onder “La douce France”?

Douce. Het Franse woord voor “zoet” of “zacht”. Wellicht dekken de woorden “soft” of “chil” de lading beter met een musette muziekje op de achtergrond. Of Joe Dassin, Gilbert Becaud, Aznavour?

De stemming wordt bruut verstoord door een stem die verslag doet van protesterende boeren. Van blokkades, lange files naar het zuiden en oververhitte mensen in oververhitte auto’s in de brandende zon. Oververhit, letterlijk maar ook figuurlijk.

La douce France?

Wat blijft er over van mijn cliché denken aan zonnige dorpspleintjes, met petanque spelende Ilja Gort look-a-likes, en de geur van baguettes. Waar zijn de tafereeltjes die Jan Brusse in lang vervlogen tijden tot ons deed komen? Ik heb geen idee.

Maar het zal me allemaal een rot zorg zijn.

Ik moet nu zorgen dat ik niets vergeet in te pakken. Dat de caravan goed beladen is. Voldoende drinken voor tijdens die eventuele file. De routekaart bij de hand, de hesjes en de alcohol test.

Ze bekijken het maar.
En dat is precies wat ik de komende weken ook eens ga doen.

In la douce France.

Leesboek of Facebook

Uit onderzoek blijkt dat 75% van de vakantiegangers “online” wil zijn. Een groot deel van die andere 25% vindt dat belachelijk.

Wat is er mis, tijdens je vakantie online te kijken wat er in de buurt te doen is? Hoe handig is het, als je op je mobiele telefoon de parkeergarage wél terug vindt waar je auto geparkeerd staat?

Daar is niks mis mee, zeggen ze dan, als je maar niet gaat twitteren en Facebook-en. Daar is alles mis mee: “Social media is zo asociaal”

Het is “not done” dat je via Facebook laat weten, al dan niet voorzien van fotootje, waar je bent. Zit je in de zon, dan hoor je je ogen dicht te doen en verder niets. Behalve slapen dan, dat mag nog net.

20120808-135607.jpg En lezen natuurlijk, want lezen is zo langzamerhand verheven tot de meest heilig activiteit die iedereen overal en altijd mag bezigen. Sleepte men vroeger tien of twintig boeken mee in de sleurhut, tegenwoordig tanken we honderdvijftig boeken op de E-reader en we zijn eens weg.

Lekker aan het strand of op de camping, helemaal wegzakken in een Nicci French. Je afsluiten voor de omgeving met de nieuwste Saskia Noort, Tatiana de Rosnay of Esther Verhoef. Hoezo “sociaal”? “Een boek per dag, heerlijk!”

Inderdaad heerlijk, dat is vakantie. Dingen doen die je leuk vindt, op de plaats die je leuk vindt op het moment dat je leuk vindt met de mensen die je leuk vindt.

Ongeacht wat je ook leest: pocketboek, E-book of Facebook.

Vakantieherinneringen

De zomervakantie nadert met rasse schreden. Ik denk terug aan de tijd dat ik nog “grote” vakantie had. Ging u ook naar de Speelinstuif?

Het moet eind jaren ’60 geweest zijn, wellicht begin jaren ’70. De lagere schooljeugd van Breda leefde zich helemaal uit in de Speelinstuif. Eerst nog in stadsschouwburg Concordia, later verhuisde het hele spektakel naar het veel modernere Turfschip aan het Chasséveld.

Onder de bezielende leiding van Geert Gielen, verzorgden tientallen vrijwilligers, drie weken lang, het vertier voor de Bredase jongeren. Linoleum snijden, figuurzagen, koekjesbakken op een echt gasfornuis, typen op de schrijfmachine en racen op die super lange racebaan. Wat een contrast met de huidige virtuele wereld van Playstation en Nintendo 3DS.

Ik herinner me agent Buurmans waarbij je aan de hand van dia’s, verkeerssituaties moest beoordelen en de volgorde van voorrang moest intoetsen in een kastje met knoppen. Wie alles goed had kreeg een poster van Veilig Verkeer Nederland of zoiets.

En Piet Dekkers. Een lange, magere, ietwat goeiige oude man, met wie je een uurtje mocht vissen in de Wilhelminavijver. Die vijver zat barstens vol vis, maar behoorde toe aan de bejaardenbond. De Speelinstuif was de enige mogelijkheid voor mij om daar te mogen vissen. Voorn en bliek in overvloed.

Soms denk ik “die jongen van de racebaan” te herkennen op het station van Dordrecht. Maar de Speelinstuif is niet meer. Het Turfschip evenmin. Wellicht zijn ook een aantal van bovengenoemde personen ons inmiddels ontvallen. Maar die herinnering blijft. Elke zomervakantie weer.

Rik en ik

Allemachtig wat is het koud. Ik ben helemaal klaar met die wintermaanden. Ik wil nog maar één ding: ik wil naar Villa Felderhof.

Ik zie het helemaal voor me. De aankomst aan de Côte d’Azur. De stevige hand van Rik Felderhof. Die dartelende hond om ons heen. En naast mij, Anita Witzier. Ook zij is te gast in villa Felderhof.

Al gauw zit ik met foto’s en een drankje in de tuin. De zwart/wit foto van mijn ouders. Een kinderfoto: mijn broertje en ik bij prinses Beatrix. Een foto van mijn huidige vrouw en het verhaal hoe ik haar heb leren kennen. En vooral de foto van ons eerste kleinkind. Elke foto met z’n eigen geschiedenis.

Daarna het therapeutisch schilderen. Al pratend klodder ik wat kleur op een doek en signeer het abstract met sierlijke krul.

De volgende dag rijden we met de cabrio naar Saint-Tropez. Anita en ik flaneren over de boulevard en vervolgens gaan we op zoek naar groente en specerijen voor het avondeten.

Die middag dobber ík in het zwembad, en Anita leest een boek op het terras. Niet veel later staan we samen in kokssloof aan de snijplank: de mise en place voor het avondeten.

Bovenstaande scènes royaal gelardeerd met romantische muziek en zonnige vergezichten terwijl Anita en ik genieten van de mediterrane zon.

Ik vrees echter dat het niet zover zal komen. Dromen zijn bedrog. Villa Felderhof wordt wegbezuinigd. Het programma is te duur.

Maandag 27 december a.s. sluit de deur van Villa Felderhof voorgoed.